Oggi ho camminato tra mille e una margherite.Una per ogni anima dimenticata, una per ciascuna delle mie parole ridondanti.Un’anatra, in equilibrio su un ramo, mi ha mostrato uno specchio senza battere ciglio.Un po’ più in là, una coppia di anatre era rannicchiata sull’erba.Le ho lasciate lì, indisturbate, custodendo fedelmente il segreto del loro amore nascente.È arrivata la primavera! Che splendore, che miracolo.Qualcuno mi ha mostrato due panchine al sole e un picchio verde.Ero così felice, così grata per tutto questo.Nessuno poteva vedere il falò che si accendeva nella mente del corridore.Che meravigliosa sorpresa. Che prospettive, come in un sogno.Ho fatto segretamente una piccola danza della felicità.
Dropzone
-
I miei ragazzi
Vreugdebrengers, pure gasten, alle kaarten in handen, elke troef vrank en vrij op tafel, elk lachsalvo als een lawine die je meesleurt in het hier en nu, in de relatief korte tegenwoordige tijd. Jullie onverbiddellijke levendigheid brengt mijn gerechten op het vuur. Jullie heerlijke onmiddellijkheid blaast overtuiging in mijn dagen. Voor jullie wil ik een thuis maken, met jullie wil ik op reis, naar Japan, Canada of Italië, het maakt allemaal niet uit. Ik ben blij als we samen zijn. Voor jullie wil ik vader zijn.
-
Triage
Hart van mij,
spring maar mee
tussen die oude planken
als je niet luisteren wil
Voel je je als een lege batterij?
Herlaad je dan vlug voor mij
of zoek vergeefs je tweede leven
bij een onbekende ziel
Ben je breekbaar als glas?
Kruip dan maar door het flessengat
want ik ben je tranen zat
O echt, ben je onbrandbaar en bovendien onrecycleerbaar?
Waarom blus ik dan al de hele week
je allesverterende vlammenzee?
Waarom ga je sneller slaan
als ik gewoon met iemand praat?
Waarom ben je zo nieuwsgierig
naar het verhaal
dat niet verteld wil worden
Waarom geef jij alles weg
aan wie al teveel om dragen heeft
Waarom zie je niet
wie, misschien bezorgd,
en wie weet, vol verlangen,
aan mijn deurbel staat
Waarom voel je voor de doden
wat je de levenden ontzegt
Gebruik toch je gloed
niet voor de spoken in mijn hoofd
maar voor een mens
van vlees en bloed
Hou toch op
met fluisteren dat ik
‘ik mis je’
luid moet schreeuwen
van het dak
Kom gooi vlug dat ongelezen boek
met onbruikbare recepten
in de container
voor ‘romantiek en karton’
en schrijf mee met mij
een bundeltje
echte liefde
-
In zijn voetsporen
Deze week kwam ik onverwacht in je voetsporen terecht, toen ik een woning bezocht en op ’t eind van de straat de school herkende waar jij een tiental jaren les gaf.
Ik zag het aanpalend voetbalveldje en probeerde me je voor de geest te halen, op een sportdag, temidden van de schoolkinderen van toen. Je had flair, je was een heertje, daar heb ik zo niks van.
Gek dat wij jouw tijdperk herinneren in zwart wit, terwijl jij die wereld toch in kleur moet hebben beleefd. De mode was natuurlijk anders, er werden nog meer hoeden en kostuums gedragen.
De hoge gebouwen in de buurt moeten er veelal later bijgekomen zijn. Vroeg of laat keer ik hier nog eens terug, om het verleden wat meer uit te spitten.
Wonen ga ik hier voorlopig niet, want het bezochte adresje voldeed helaas niet aan m’n verwachting. En m’n fietszak was plots verdwenen, ook niet echt een goed begin.
Maar ik ben wel blij dat ik je pad weer eens gekruist heb, zij het in een ander tijdscharnier. Ik weet dat je toen, ondanks al je inzet, ook met veel twijfels zat en dat nadien je leven compleet is veranderd.
Een verandering waaraan ik mijn leven te danken heb.
-
Tijd
Een meisje zit aan de waterkant. De zon glittert over het oppervlak. Ze kijkt naar iets, naast haar. Wat kan het zijn? De madeliefjes of een bijtje? Haar kleine broertje staat rechts van haar en wijst naar de vogels in de lucht. Grote zus, achter hem, zwaait in onze richting. Ze heeft wilde bloemen geplukt. Korenbloemen , wilde peen, margrieten,…
Achter hen vaart een boot voorbij. Op het dek hebben 2 mensen net een stijldans uitgevoerd, als in een zotte bui. Tussen een paar omzittende zonnekloppers maken ze nu een diepe buiging, onder opstijgend gejoel en een klein applaus.
Dan volgt het teken van de fotograaf:
Stop de tijd.
-
Loop!
Stadsduiven verzamelen
Alles is voorzien
De trambel zet de toon
Schijnbare eenheid
voert ondergronds verzet
Blije kleurtjes lonken
Neen, dank je wel
Keuzevrijheid heerst
Daarbuiten woedt de hel
1 schoen is gratis
Dansen kost geld
De zoektocht ligt ingebed
in vitrines vol ‘Hetzelfde’
‘Nooduitgang’ weerspiegelend
Wat je niet wil krijgt korting
Zelfs de afgrond is te koop
1 verlegen blik helpt je vinden
wat je eigenlijk zocht
rekent je af
met het verleden
Neem die afslag
weg uit dit feestje
Het onhoorbaar startschot is gegeven
Langzaam schuift het landschap
Dit is alles waar je voor kwam
Loop!
-
Dansen in de sneeuw
Ze beantwoordde zijn blik met een glimlach en las vervolgens verder.
En even later opnieuw…
Ze genoot zichtbaar van de omgeving en dat trok hem op 1 of andere manier aan.
Het voelde zo vertrouwd en dus helemaal niet ongemakkelijk toen hij, na het afruimen, bij het nemen van z’n tassen naast haar, plots heel dichtbij was.
Ongeveer gelijktijdig verlieten ze de zaak. Daar stonden ze dan eensklaps in de sneeuw. Grote, dikke vlokken dwarrelden hen om de oren.
Ze keek hem nog 1 keer aan en stapte dan vastberaden door, met gebeitelde glimlach en ondeugende blik, recht voor zich uit. Haar laarzen een kristalhelder spoor zettend in een krakend vers en maagdelijk wit tapijt.
Plots kletste een ijzige sneeuwbal in haar nek. Verschrikt keek ze achterom. Daar stond hij, met een uitdagende grijns. In plaats van boos te zijn, duwde ze prompt wat sneeuw bij elkaar en sneller dan de grijns verdween, spatte haar bol op zijn neus uit elkaar. Bij het zien van zijn onthutste blik, schaterde ze het uit. Al vlug verschanste elk zich achter een boom op het plein en beurtelings vlogen de ballen tegen of langs de stammetjes.Tot zij na elke worp een uitdagend dansje maakte, om dan weer vlug weg te duiken. En hij dit al snel overnam.
Tot 1 van beiden vergat te gooien en ze dansend tegenover elkaar stonden.
Tot zij steeds dichter kwam…
en hij haar meenam in een wals!
En zo draaiden ze samen rondjes over het plein.
Tot ze bleven stilstaan…
en zijn lippen heel dicht bij de hare kwamen…
waarop ze vliegensvlug haar gezicht wegtrok om een zacht sneeuwtaartje in z’n gezicht te duwen. Zoete wraak!
Met vragende blik keek hij haar na, hoe ze nu, en dit keer zonder omkijken, het plein verliet, recht naar de ingang van het station. Ze stak nog 1 hand hoog in de lucht, bij wijze van adios.
Daar stond hij nu, alweer met pak en zak, en met haar glimlach op zijn gezicht.
Hij kende niet eens haar naam. Het maakte niet uit waar ze heen ging en of hij ze ooit nog terug zou zien. Het was gewoon weer een fijne herinnering. -
Afscheid avant la lettre
In een stoffig kamertje, ergens onderaan in een schuif, vond ik de tekst van een verliefde ziel…
“Zo blij ben ik als ik je zie, hoor, lees, voel in m’n hart, dat het lijkt alsof ik de hele wereld aan kan: alle vrienden kan vergeven die me hier achterlieten, mijn deur open zetten, de wereld in gaan, alles helder zien en voelen hoe alles wonderlijk in elkaar klikt.
Maar ik moet beseffen dat dit alles verdwijnt. Dat je plots kan opgaan in het gewoel, terug naar je dagelijkse plicht, als dit gevoel onbeantwoord bleef of geen liefde is ontstaan.
Dat ik je kan verliezen in m’n rechtlijnige hoofd. Verjagen met mijn hoogdravendheid. Of verdriet doen, verslaafd als ik geworden ben aan deze verblindende roes.
Daarom fluister ik nu al voorzichtig, beter te vroeg dan te laat, als een afscheid avant la lettre: Wat er ook gebeurt, heb geen spijt of voel geen schuld. Ik heb je gewoon graag gezien.”
-
Droom
Geef me een droom die niet zomaar stuk gaat. Helder als kristal, onuitputtelijk als de zee, mooi als een glimlach, warm als vriendschap.
Een droom die me meevoert op een vlinderwolk en m’n zorgen even laat vergeten.
Een droom die droom mag blijven of telkens opnieuw gedroomd mag worden. Een droom die met me meewandelt en een vleugje magie uitstrooit over de dag.
-
Het geheim van het leven
“We must love one another or die.” W. H. Auden
Met dank aan Nick Cave om deze kernzin tot bij mij te brengen. We willen niet meer luisteren naar profeten, de betekenis van woorden als ‘love’ en ‘die’ is compleet uitgehold, maar soms staat je deur op een kier en dan waait deze spreuk binnen, gevormd met diezelfde woorden, die zegt: het is waar wat je voelde, je hebt gewoon niet te kiezen, je was, zoals iedereen, aan ’t sterven en zonder hoop en verwachting was je een straat ingeslagen en je vroeg je af waarom je weer vrolijk werd en toen realiseerde je je dat je iets voor een ander had gedaan of een ander iets voor jou, en al dacht je niet eens aan liefde, toch zag je plots in dat die zijwegen het enige alternatief waren voor de kaarsrechte weg naar de afgrond, en al heb je niet lief of denk je niet lief te hebben of voel je geen enkele energie om lief te hebben, dan nog heb je geen andere optie om telkens die afslag te nemen als je tenminste niet alleen maar dood wil gaan en dan is het een troost als je dat vermoeiend vindt en kan denken: dit is het enige wat we maar te doen hebben, meanderen langs de vele kruispunten van het levenspad, beseffen dat elk mogelijk geluk om de hoek ligt van die ene, domme, banale, nietszeggende straat en te weten dat het de enige weg is waarlangs je, zonder te claimen of te roepen of te vechten of te lopen of te haasten of jezelf voorbij te lopen, gewoon rustig ploegend in het hier en nu, plots het geheim van het leven ervaart, waar je godbetert het woord liefde niet op hoeft te kleven, maar wel de diepe rust kan vinden van het niet meer te hoeven verder zoeken naar het ware, omdat je het al gevonden hebt en zeker kunt zijn dat het niet meer is dan dat.