Kijk om je heen
Als mensen een teken geven
hoe klein ook
geef dan aandacht
Check eens of een verhaal
verteld wil worden
Elk mens moet de kans krijgen
om zijn verhaal te doen
Luister
Misschien is het de laatste kans
Elk mens is een microkosmos
een universum
dat maar 1 keer passeert
Wat betekent jouw verhaal
zonder dat van je medemens?
We zijn allemaal pagina’s
in de bijbel van het leven
Beschrijf ze
lees er zoveel als je kan
luister en vertel
Wacht niet
tot ze omslaan
Dropzone
-
Laatste kans
-
afscheid van de zomer
de verzadigde struikrover
zwaait naar de overkant
en krimpt en kruipt
vol overgave
in de lege grot
waar die nooit meer
waar iemand anders wel
ooit
helemaal volgepropt
met licht
langs alle gleuven
genadeloos
de waarheid zuigend
onweerstaanbaar
de horizon begroet
waar zij weer
op haar voetstuk wordt gehesen
de koningin van het licht
diezelfde zon
van hetzelfde stelsel
als waar gisteren
de struikrover
is heengegaan -
ik wens jou
een stralend licht
in je huis
een kleine turbine
in je hart
die energie geeft
aan je derde oog
dat de goede vibes ziet
en voelt
en in alles
om je heen
het verlangen
naar morgen
aanwakkert
en je beschermt
tegen de boze geesten
zelfs in de donkerste nacht -
Liefschap
Zo een droom die af en toe in de buurt komt
van de werkelijkheid,
te gevaarlijk voor vriendschap
eraan voorbij en er nooit geweest
meer dan zomaar een flirt
1 woord van jou
schiet me voorbij de maan
naar de sterren
of
in een meltdown
met eeuwenlange radiatie
voor onze omringenden tot gevolg
Dus zoek me maar niet op
hier in m’n yellowcake
wat neutronen kunnen al volstaan
voor weer een lichtjaar
aan passioneel verlangen
dat alleen vriendschap doven kan
hier weer geveld
op de madeliefjes
kijk ik naar de volle maan
zie ik de sterrenhemel
en voel ik
de splijtstof die ik ben
en denk ik
dat ik van je hou
niet van jou
wel van jou
niet van jou
wel van jou
en van jou
en van jou
en van jou
en nog steeds van jou
…
-
Rust
Miljoenen bladeren
vertellen ons verhaal
ruisend als de zee
van hoe ’t ons hier is vergaan
hoe wij hier ooit lachten,
floreerden, schuilden,
ons weerden
taaizoals die stevige stengels daar
hun bloemen dragend
zo lang als ’t kanHoe wij trots onze kleuren droegen
van bleek tot groen tot bruin en grijs
en ook bij onze val
nog sierlijk wilden zijn
en eens gevloerd
ons toch nog leenden
tot spel en vreugde
of gastvrij plaats maakten
voor weer een nieuw verhaal
dat ons vertelde
dat wij niet verdwenen waren
maar altijd terugkeerdenDit bankje is niet leeg
maar wacht geduldig
tot wij het opnieuw vinden -
De waan van de dag
Wat mij blij kan maken, is de zon die op komt elke dag
en dat is niet omdat ze vernieuwing of verandering brengt. of herstel.
want dat zou wel zo gemakkelijk zijn. als ik in die waan kon leven.
niet omdat elke dag een andere dag is, uniek is, of bijzonder,
niet omdat elke dag een nieuwe verrassing brengt,
niet omdat ze mijn gedachten verzet,
niet omdat ik dan weer weet dat ik leef,
ook niet voor het rendement van de zonnepanelen, die ik niet heb.
Neen, het is omdat ze 100 % zeker dezelfde zon is als die van gisteren en eergisteren, die waar ik zo van hield.
Gelukkig maar, dat er vele zonnen bestaan.
-
no more fomo
dank u fiets om te blijven bollen
uw banden zo lang strak te houden
en nog niet uw laatste zucht te slaken
dank u bed om nachten lang mijn zweet te verdragen
dank u brood om uw belofte om lang vers te blijven toch voor de helft waar te maken
dank u loketbediende om me te vertellen dat alles in orde is
dank u ogen om te blijven zien hoe prachtig onze natuur is
dank u hersenen om je gisteren even te willen concentreren toen ik het nodig had
dank u tanden om niet allemaal tegelijk af te brokkelen
dank u tijd om steeds verlengingen aan te bieden
ik grijp ze met beide handen zo lang het kan
dank u handen om te blijven dienen
dank u mensen om met zoveel te zijn vandaag
da’s veel gezelliger
dank u materie om zoveel geknoei van ons te verdragen
dank u maatje om me vrij te laten
toen ge mij beu waart -
De man op de brug
De Eclipse lokte me naar een paradijselijk plekje, een echte tuin van Eden. Zonder bril kon ik de zon echter alleen maar de rug toe keren en samenvallen met mijn eigen schaduw.
Een jongen sloeg appels uit de boom met een lange stok en een meisje at er eentje op. Ach jullie zalige verblijf in dit paradijs is toch maar een tijdelijke illusie, dacht ik, steeds somberder wordend naarmate de maan verder voor de zon schoof. Ik wendde me van hen af, alsof het kinderlijk geluk dat ze afstraalden even schadelijk was voor mijn netvlies als het licht van de zon.
Toen het hoogtepunt naderde, projecteerde ik m’n dromen en verlangens op het vergeelde, verstilde landschap achter me. Met een koele bries zweefden m’n gedachten over iets wat leek op avondschemering.
Omdat de wereld alweer op me wachtte, fietste ik meteen naar huis, wat bedrukt door deze halfslachtige belevenis die ik bovendien met niemand had gedeeld.
Maar plots stond daar een mannetje, als een wachter op de brug. Waar kwam hij plots vandaan? “Wil je ook eens kijken?”, riep hij onverwacht. “Het is bijna voorbij!” “Graag”, zei ik, en hij gaf me zijn eclipse bril. En zo heb ik dan toch die laatste hap van de zonsverduistering met eigen ogen aanschouwd.
Dankbaar trapte ik verder, in het besef dat het paradijs niet een plek is waar je komt en gaat, maar die iedereen meedraagt in zijn hart.
-
In je veilige kot
Je staat daar helemaal in lijn te zijn met je wantrouwen en je angst. Vanuit je veilige hok hou je het beest dat ik in toom hou nauwlettend in de gaten. Wat voor jou een schuilhut en uitkijkpost is, ziet er vanuit mijn standpunt smerig en onherbergzaam uit. Compleet stukgeslagen en rot. Eerder het tegenovergestelde van veilig. Het beest ziet je niet. Hoop jij. Het tracht je te ruiken, maar je rekt je op, de rug lenig en hoog. Alsof je zelfs je eigen geur wil vasthouden. Wat wordt het: bevriezen, vechten of vluchten? Achter ons dansen alle konijnen en hippen alle vogels van de stad. Achter jou denderen de vrachtwagens. Het is 31 graden. We hebben de keuze tussen warme duisternis, in dat rommelkot, of zonnebrand. Op deze groene vluchtheuvel zitten we gekneld en moeten we onze natuur beleven. Lieve hond, waarom wil je nog herderen? We kunnen nergens meer naartoe.
-
Liebestrauma
Plots zag ik zwarte spikkels op haar lichaam. En in een ooghoek mieren over haar buik. En daarnaast zelfs een hoopje zand. Potgrond. En nog meer mieren. Een hele kolonie leek het wel.
Met azijn, een spons en een fles walnotenolie had ik de levensduur met een jaar verlengd. De olie geduldig laten intrekken. Niet zoals vroeger blijven wrijven, tot de huidmondjes alles opgenomen hadden. Toen wrijven nog iets plezierigs was, niet alleen een bron van hoop. Hoop op een regeneratieve werking. En later nog slechts de hoop dat er geen blijvende littekens zouden zijn, zoals de bijsluiter ons had beloofd.
Nu brak alles in mijn handen plots in stukken.
Ik reageerde fel, sprong overeind, ontzet.
Ijzig kalm en doorzichtig als een geest stond ze langzaam recht, schudde haar buik af, trok haar trui aan en wandelde weg, zonder er 1 woord aan vuil te maken.
Woorden hadden al lang geen effect meer. Ik hoorde de hare niet, verdoofd als ik was. En ook de mijne zouden niet meer in haar bloedbaan geraken. Alsof alles was bedekt met een laagje teflon. Geen toverformules die de asgrijze korst over het landschap konden doorbreken. Ze zaten gevangen achter de houdbaarheidsdatum van een plastic verpakking. In ons diepe zouden ze nooit meer graven. Geen aards vuur laten verschijnen. Geen bloemen, geen aardbeienvelden om ons heen.